‘Beleid richten op kwetsbare zzp’er’

DEN HAAG Zzp’ers, er zijn zeer succesvolle, maar ook kleine sappelaars die hun hoofd niet of nauwelijks boven water kunnen houden.

Het volgende kabinet móet na het debacle met de wet DBA met een werkbare oplossing komen om de arbeidsmarkt niet nog verder te laten ontsporen. Afgelopen week concludeerde de Kamer van Koophandel nog maar eens wat we met z’n allen allang wisten: de opgeschorte wet DBA schiet zijn doel volledig voorbij. De wet is in het leven geroepen om zzp’ers te beschermen tegen schijnzelfstandigheid, maar hun positie is eerder verzwakt dan versterkt.

Vorig jaar liepen volgens de KvK zo’n 120.000 zzp’ers opdrachten mis door de wet. Uit angst voor boetes of naheffingen namen sommige werkgevers het zekere voor het onzekere en kozen voor payrollconstructies.

Ook al is de wet DBA officieel nog niet afgeschoten, het lijkt ondenkbaar dat hij weer in ere wordt hersteld. Reparatie is een mogelijkheid, maar dan zal aan een aantal voorwaarden moeten worden voldaan, menen de deskundigen. Om met het belangrijkste te beginnen: het is niet eenvoudig om vast te stellen wie van de zzp’ers kwetsbaar en wie zelfredzaam is. De reden: dé zzp’er bestaat niet.

Met bijna 1 miljoen mensen is het een bonte verzameling van ondernemers. Zzp-onderzoeker Fabian Dekker van de Erasmus Universiteit noemt ze ‘de confetti’ op de arbeidsmarkt. Zo lopen hun inkomens- en vermogensposities ver uiteen. Sommigen werken fulltime anderen in deeltijd, al dan niet naast hun loondienstverband of vanuit de WW. Daarbij: 40 procent stopt na vier jaar alweer als zzp’er.

Hoe heterogeen de groep ook is, zzp-experts zien wel twee duidelijke kenmerken om de kwetsbare van de zelfredzame zzp’ers te onderscheiden. Het eerste onderscheid: moet en kán iemand rondkomen van zijn inkomsten als zzp’er?

Denis Maessen, voorzitter van Platform Zelfstandige Ondernemers (100.000 leden) en lid van de SER: ,,De groep die niet of moeilijk kan rondkomen van zijn inkomen is kwetsbaar. Deze mensen hebben een laag verdienvermogen met een jaarinkomen van maximaal 20.000 tot 22.000 euro.” Zijn inschatting is dat het een relatief kleine groep is: maximaal 10 tot 15 procent van de zzp’ers.

Dan is er nog een ander onderscheid te maken: de onderhandelingsruimte. Volgens directeur Bram van Beetz van Yacht zegt de mate waarin een zzp’er kan onderhandelen over zijn tarief met zijn opdrachtgever iets over de mate van zijn kwetsbaarheid.

Als hij prima in staat is om te onderhandelen, dan is hij zelfredzaam, luidt zijn conclusie. ,,Een pakketjesbezorger zal in tegenstelling tot een ict’er weinig ruimte hebben om een hoger tarief af te dwingen.”

Met deze twee criteria – het inkomen én de grote afhankelijkheidsrelatie van de opdrachtgever – wordt het al iets duidelijker wie nu de kwetsbare zzp’er is.

En zzp-experts zijn het erover eens: het volgend kabinet moet veel gerichter beleid maken voor die groep in plaats van voor alle zzp’ers, zoals het met de wet DBA trachtte. ,,Stop met een generiek beleid voor de hele groep”, aldus Maessen.

Zijn kritiek is: het huidige kabinet heeft een heel kleine groep willen beschermen, maar vervolgens maatregelen opgelegd aan een heel grote groep die geen bescherming nodig heeft. ,,De meeste zijn heel bewust ondernemer geworden en die redden zich prima.”

Maessen denkt dat het nieuwe kabinet moet komen met een sociaal-economisch beleid waarin werkzekerheid centraal staat. ,,Of mensen nu zzp’er, flexwerker of in loondienst zijn, zou niet moeten uitmaken. Het is belangrijk dat mensen aan het werk kunnen. Zeker die mensen aan de onderkant van de samenleving hebben wat hulp nodig. Maar daarvoor zullen we werkgevers moeten prikkelen. Bijvoorbeeld door loondoorbetaling na ziekte aan te passen of door het werkgevers veel makkelijker te maken om mensen aan te nemen en te ontslaan.”

Ook Van Beetz van Yacht denkt dat het goed is als het volgende kabinet meer nadruk legt op het hebben van werk, werkzekerheden en taken in plaats van op baanzekerheid zoals nu het geval is.

,,Het probleem is dat veel zaken nu samenhangen met zekerheden die verbonden zijn aan het vaste contract, zoals het verkrijgen van een hypotheek. Die zekerheden zouden los van welke contractvorm dan ook moeten bestaan. Maar om daar te komen, is een structurele hervorming op de arbeidsmarkt nodig.”

Onderzoeker Fabian Dekker vreest dat het nog weleens moeilijk kan worden om dat te realiseren. De afgelopen jaren zijn vooral noodverbanden gelegd op de arbeidsmarkt, ook omdat politieke partijen hun vingers er liever niet aan willen branden. ,,Er wordt vaak vanuit een klassieke benadering gekeken, maar we moeten echt een visie krijgen op de arbeidsmarkt in 2030 en daar op gaan sturen.”