Geloof in baan voor het leven verdwijnt; zelfstandigheid aantrekkelijker

Slechts een kwart van de Europese werknemers verwacht in zijn huidige baan te blijven, zo blijkt uit onderzoek van human resources dienstverlener ADR. Een baan voor het leven is minder normaal dan in eerdere jaren.

Het onderzoek vond voor het tweede jaar plaats onder bijna 10.000 werknemers in Frankrijk, Duitsland, Italië, Nederland, Polen, Spanje, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. In ons land werden vorig jaar 1300 werkenden in verschillende beroepen ondervraagd. Zelfstandig ondernemerschap en freelancen staan in heel Europa in een groeiende belangstelling, zeker nu veel banen anders kunnen worden uitgevoerd dankzij technologie en flexibele vormen van samenwerken, stelt het rapport.

Zelfstandigen meer tevreden

Zelfstandig werkenden in diverse landen zeggen niet alleen vanwege het geld voor deze loopbaan te hebben gekozen. Ze voelen zich meer tevreden met hun werk. Ook vinden ze de mogelijkheid te kunnen werken waar en wanneer je wilt belangrijk. Verder speelde een goede balans tussen thuis en werk een rol bij de keuze.

Op kantoor en in de fabriek zijn flexibiliteit en zelfstandigheid opvallend genoeg weinig te vinden. Tweederde van de werknemers werkt nog steeds vanaf een vaste plek en dat is zelfs 10 procent meer dan bij de vorige meting. Bovendien wordt nog veel in vaste werktijden gedaan, terwijl minder dan de helft van de mensen daar nog zin in heeft. Het verklaart niet alleen deels de wens tot zelfstandigheid, maar het botst ook met de wensen van werknemers.

Nederlanders

Nederlanders zijn met het hoogste aantal werkenden in flexibele tijden nog het beste. Volgens dit onderzoek zijn ze de gelukkigste Europeanen op de werkvloer. Ruim driekwart is tevreden over zijn werk. Dat komt onder meer door die mogelijkheden als thuiswerken, een relatief goede balans tussen thuis en werk, en ook de band met collega’s.

Ondernemersmentaliteit

Werknemers verwachten de komende tijd binnen hun eigen werk meer met de mentaliteit van een ondernemer aan de slag te moeten. Daarbij noemen ze zaken als motivatie, productiviteit, creativiteit en de vaardigheid om je eigen werk te managen. Voor werken in een ander Europees land is niet iedereen te porren. Engelsen en Fransen zijn het meest honkvast. Italianen, Polen en Spanjaarden zien werk over de grens wel zitten. Dat zijn dan vooral werknemers in de IT en telecommunicatie, op afstand gevolgd door de gezondheidszorg. Duitsland is wereldwijd gezien het populairst als nieuwe werkplek. Engeland staat, ondanks het grotere taalvoordeel, op de tweede plaats. Nederland moet het doen met een negende plaats.