Gevlucht talent op weg naar werk

Wie zijn land ontvlucht vanwege een oorlog kan zich in een ander land evengoed nuttig maken, vindt Syrische vluchteling Raouf Alzaibak.

door Karlijn ter Horst

Noodgewongen liet Raouf Alzaibak (26) zijn leven en zijn baan achter in zijn thuisland, het door oorlog verscheurde Syrië. Maar niets doen en achterover leunen tot de oorlog voorbij is en hij terug kan, is niet zijn ding. Dus zocht Alzaibak, toen hij ruim twee jaar geleden in Nederland aankwam, naar mogelijkheden om van toegevoegde waarde te zijn voor de Nederlandse samenleving. Het resultaat: een eigen project bij Noorderlink, een P&O-samenwerkingsverband van een aantal grote werkgevers in het Noorden. Het begeleidt Syrische vluchtingen naar een plek op de Nederlandse arbeidsmarkt. Syriërs willen werken, óók in Nederland, vertelt hij. ‘Thuis’ kennen ze geen verzorgingsstaat. ,,Zitten wachten tot iemand je komt helpen, gebeurt niet. Het zit niet in onze cultuur.’’ Alzaibak zag hoe zijn landgenoten zich verveelden in kampen, azc’s en zelfs na het verkrijgen van een verblijfsstatus en woonplek. ,,Er zijn veel hoogopgeleide vluchtelingen uit Syrië met specialistische kennis, zoals artsen en advocaten.’’ Kennis en ervaring waar het Nederlandse bedrijfsleven volgens de Syriër veel aan kan hebben. ,,Maar er zit een groot gat tussen de vluchteling en de Nederlandse arbeidsmarkt. Omdat ze de cultuur niet kennen en de taal niet spreken, hebben ze hier iemand nodig die hen de weg helpt vinden.’’ Met de combinatie van zijn HR-achtergrond en zijn Syrische ‘wil om te werken’ bedacht Alzaibak een stappenplan om dat gat te dichten, van kennismaking tot werkplek.

,,Vluchtelingen zijn voor onze arbeidsmarkt een nieuwe bron om aan te boren’’, vertelt Mireille Galama, programmaleider van Noorderlink, die het project samen met Alzaibak uitvoert. De organisatie zet haar netwerk van werkgevers als het UMCG en de provincies Groningen, Drenthe en Friesland in, Alzaibak attendeert vluchtelingen op het project waarmee ze hun afstand tot de arbeidsmarkt kunnen verkleinen. Inmiddels zit het project in de tweede fase, vertelt Galama. ,,We begonnen met het aanleggen van een database: welke hoogopgeleide vluchtelingen willen meedoen, wat is hun achtergrond en werkervaring?’’ Er kwamen 49 namen – zowel mannen als vrouwen – op het lijstje, waarvan er 43 doorstroomden naar fase twee: workshops en oefen sollicitatiegesprekken. De workshops zijn achter de rug. De Syrische deelnemers leerden van vrijwilligers uit het Noorderlinknetwerk onder meer hoe ze, afhankelijk van hun werkveld, een Nederlands cv opbouwen, een goede sollicitatiebrief schrijven en social media als LinkedIn kunnen gebruiken. De oefengesprekken staan binnenkort op de agenda. ,,Een proeftuin’’, noemt Galama het, want de deelnemers oefenen met echte vacatures in hun beroepsgroep en met echte personeelsadviseurs uit het netwerk die daarop aansluiten. ,,De volgende stap is het gericht bieden van netwerkcontacten, vakgenoten, wellicht een werkervaringsplek of in het allermooiste geval: een echte baan.’’

,,Communicatie is heel belangrijk. Een arts uit Syrië kan hier niet zomaar aan het werk. Omdat hij geen Nederlands spreekt, kan hij een patiënt dus niet goed uitleggen wat eraan mankeert. En de werkcultuur in Nederland is gewoon anders. Ervaring opdoen in een ziekenhuis is voor een Syrische arts dus belangrijk. Dat kan via zo’n werkervaringsplek’’, legt Alzaibak uit. Zit dat de Nederlandse werkzoekers niet in de weg? Nee, stelt Galama. ,,We zoeken specifiek iets dat bij hun specialisatie past. Het is zo persoonlijk gericht op de vluchteling, dat we Nederlanders er echt niet mee tekort doen.’’ En als goedkope arbeidskrachten – werkervaringsplaatsen zijn meestal onbetaald – ziet Noorderlink de vluchtelingen zeker niet: ,,We schuiven ze niet zomaar ergens in, we proberen ze te laten meedraaien in onze organisaties, zodat ze zichzelf daar zichtbaar kunnen maken. Wie weet krijgen ze daardoor uiteindelijk een baan. Maar die garantie kunnen we niet geven, want we willen geen verwachtingen scheppen die we niet kunnen waarmaken.’’ Alzaibak koos er niet voor naar Nederland te komen. ,,Ik had geen keus om daar te blijven, maar wel een kans om er hier iets van te maken. En daar heb ik voor gekozen.’’