Kun je ondernemen leren? ‘Die drang, die is belangrijk’

Tuurlijk. Zoek de juiste opleiding en je krijgt alles mee wat je nodig hebt. Onzin. Je hebt het, of je hebt het niet. Heeft het kortom zin, Ondernemersschool? Het is een discussie die nog lang niet uitgevoerd is.

Ondernemen. Volgens het etymologisch woordenboek is dat simpelweg een voorwerp van onderen aanpakken met de bedoeling het op je schouders te nemen. Kwestie van techniek, om ervoor te zorgen dat het voorwerp stevig op je schouders ligt. Goede tilwijze ook, om te voorkomen dat je door je rug gaat. Dat lijkt allemaal prima te leren. Maar het voorwerp zelf, hoe zit het daarmee? Kan iemand leren welke voorwerpen hij zou moeten ondernemen en welke hij beter links kan laten liggen?

„Het simpele antwoord? Ja. Ondernemen kun je leren.” Dat móet Frans Donders wel zeggen. Hij is directeur van de startupincubator Cube 050 (Rijksuniversiteit/Hanzehogeschool) in Groningen en vanuit de Hanzehogeschool belast met het ontwikkelen van ondernemerschap en startups onder studenten. Maar hij meent het ook echt. „In principe heeft elk mens ondernemerskwaliteiten. Nou, bijna elk mens dan.” Wat zijn dat dan, ondernemerskwaliteiten? Een definitie is niet te geven. Kan ook niet. Voor elk type onderneming is een andere stuurman gewenst. Een chirurg in een maatschap heeft andere kwaliteiten nodig dan een internethandelaar. Donders: „Het is eerder een karaktertrek, een manier van in het leven staan. In wezen zou je kunnen zeggen dat iemand die ’s ochtends uit zichzelf zijn bed uit komt, al ondernemend is.”

Drang

Tja. Wie succesvol wil worden als ondernemer, of alleen al zijn eigen broek op wil houden, zal toch iets meer mee moeten brengen. Blijft de vraag: kun je dat ‘iets’ aanleren, of zit het simpelweg wel of niet in je? Joop Akkerman uit Heerenveen vindt dat je de kracht van het onderwijs in dezen niet moet overschatten. Akkerman is zelf succesvol ondernemer (Thexton Armstrong/Micronclean Worldwide) én begeleidt ondernemers in hun drang naar succes.

En die drang, die is belangrijk, zegt hij. „Een opleiding brengt je op niveau, geeft je vakinhoudelijke kennis. Die gebruik je daarna volop, als instrument waarmee je je onderneming kunt op- en uitbouwen. Maar écht onderne men is iets dat in je karakter zit. Dat gaat inderdaad om drang. Om durf ook. En ik ben een aanhanger van Freud, die al stelde dat je karakter tot je vierde levensjaar gevormd wordt. Daarna niet meer. Je kunt misschien wat bijschaven, maar helemaal omvormen tot ondernemer? Daar geloof ik niet in.”

Hij vindt Alfred Welink uit Assen aan zijn zijde. De voorman van VNO-NCW Noord en ondernemer (DGA Next) heeft er als bedrijvendokter al heel wat voorbij zien komen, mensen die ondernemer zeggen te zijn. Of mensen die het willen zijn, maar gewoon niet kunnen. „Drive zat. Daar ligt het meestal niet aan. Ze willen echt wel, maar lopen eerder vroeg dan laat tegen de muur. Ze hebben hét niet, ook al is hun idee nog zo goed. En ook al hebben ze nog zo goed geleerd hoe ze een salesgesprek doen, hoe ze met hun mensen moeten omgaan, hoe ze hun boekhouding op orde brengen.”

Overtuigen

Hét dus. Maar wat dan? „Het eerste dat in mij opkomt: je moet anderen kunnen overtuigen van de kracht van je idee. Banken, investeerders, de markt. Als je dat niet kunt, dan houdt het op. Dan kun je best een goede werknemer zijn, of een freelancer, maar geen ondernemer. Want ja, ik vind zelfstandigen zonder personeel geen ondernemers. Ondernemend wel. Ik weet dat niet iedereen er zo over denkt.”

Natuurlijk. Frans Donders gaat heus niet beweren dat hij van (bijna) iedere ziel een succesvol ondernemer kan maken met een immer uitdijend bedrijf. „Maar het zit in meer mensen dan die mensen vaak zelf denken. En daar waar het in zit, moeten wij het er laten uitkomen, vind ik. Op de Hanzehogeschool stimuleren wij álle studenten om na te denken over de vraag of ondernemen iets voor hen is. Wie bevestigend antwoordt, krijgt alle faciliteiten om studeren en ondernemen te combineren. De student ontsteekt het vuur, wij leveren de brandstof.”

„De student ontsteekt het vuur, wij leveren de brandstof”

De cijfers spreken voor hem. Afgelopen jaar kregen niet minder dan 372 startups vanuit de hogeschool een KvK­nummer. Dat worden niet allemaal multinationals, maar een deel zal zeker slagen. Donders: „Groningen staat wereldwijd op plek vijf als het gaat om het aantal startups dat vanuit studenten ontstaat.”

Dat is een mooi resultaat, dat de vraag oproept: zouden al deze startups ook zonder de begeleiding van hogeschool en universiteit tot stand zijn gekomen? Waarschijnlijk niet. Alfred Welink bijvoorbeeld, zou zonder zijn studie aan de ‘Hanze’ vermoedelijk nog steeds ergens in loondienst zijn. „Na mijn studie bedrijfskunde had ik pas voldoende vakkennis om anderen te kunnen overtuigen van mij ideeën.”

Dat is essentieel. En dat is precies waar opleidingen goed in zijn: vakkennis bijbrengen. En sommige kneepjes van het ondernemerschap zitten ook zeker in het curriculum. Presenteren, managen, verkopen, HR, financiën. Daar doet Joop Akkerman ook niets aan af. „Toch moet je wel onderscheid maken tussen opleiden en helpen. Je kunt mensen instrumenten meegeven die van nut zijn. Maar als je ze aan iemand geeft van wie de kern niet ondernemend genoeg is, dan krijg je per definitie geen ondernemers.”

Akkerman doet dat zelf ook, ondernemers helpen. „En ja, daar zitten uitblinkers en iets mindere goden tussen, zoals overal. Ik kan beïnvloeden, kan ze leren beter hun doelen te stellen, nee te zeggen, dat soort dingen. Maar daar zit een eind aan. Vergelijk het met een touw. Ik kan hem een beetje recht trekken, maar hem vooruit duwen gaat nooit lukken. In mijn leven kwam ik heel wat voorbeelden tegen van mensen die heel wat in zich hadden om ondernemer te worden, maar net niet genoeg. Lef, wilskracht was er. Maar net niet de juiste skills om het product te verkopen, om mensen te overtuigen. Lef kan je een mooie lening of investering opleveren, maar daarna gaat het dan toch fout.”

Ondernemend en ondernemer

Kijk. We zijn dus op zoek naar een combinatie van eigenschappen die het verschil maakt tussen ondernemend en ondernemer zijn. Donders: „Zo is het precies. En voor de ene soort onderneming heb je andere eigenschappen nodig dan voor de andere. Wij proberen de talenten van studenten op waarde te schatten en in te zetten voor het type onderneming dat daar bij past. En dat lukt vaak genoeg.”

En toch, toch ligt de route naar succesvol ondernemerschap buiten de cognitieve vaardigheden. Alfred Welink: „Een goede ondernemer zegt niet snel dat iets niet kan. Hij probeert ook buiten de bestaan de regels zijn weg te vinden, en weet het achteraf uit te leggen. Hij is ondeugend, nieuwsgierig, niet te vangen binnen lijntjes. Je kunt mij veel vertellen, maar dat zijn karaktertrekken die je niet leert op een opleiding. Sterker nog: het zijn niet zelden de jongens en meiden die niet zo meegaand waren in het schoolsysteem, die het als ondernemer later ver schoppen. Een selectie aan de poort is daarom essentieel om van een ondernemersopleiding een succes te maken.”

Dat gebeurt tot op zekere hoogte ook, hoewel hoge scholen en in iets mindere mate universiteiten steeds meer lijken te hameren op ondernemerschap. Ook bij studenten die hét niet in zich hebben. Welink: „Deze methode levert zonder meer ook succesverhalen op. En dat is fantastisch, precies wat we in het Noorden nodig hebben. Ondernemers zorgen voor werk, en werk is een niet te onderschatten factor in ons streven naar geluk.”

Ondernemers. We kunnen ze niet maken, we kunnen ze wel vooruithelpen. En: we kunnen er dankzij het onderwijs voor zorgen dat ondernemers herkennen dát ze ondernemers zijn. En dat ze het dus ook worden, met alle voordelen van dien.