Nederlanders het gelukkigst maar bij werkloosheid stort dat gevoel in

Nederland telt percentueel het grootste aantal gelukkige inwoners van de EU. Dat heeft ook een geografische component, beweert hoogleraar Dimitris Ballas in zijn oratie aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Er wordt heel veel gezanikt in dit land. Er is altijd wel iets dat niet deugt. Iemand een kopje kleiner maken op sociale media lijkt een nationale sport. En toch behoren we tot de gelukkigste mensen op aarde. Uit onderzoek van Dimitris Ballas (44) blijkt zelfs dat Nederland percentueel het grootste aantal inwoners van de EU telt dat op de vraag ‘hoe gelukkig bent u?’ antwoordt: ‘erg gelukkig’.

Ballas kan het persoonlijk beamen. De Griek is sinds ruim een jaar als hoogleraar economische geografie verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Na een langdurig verblijf in het Britse Sheffield en Leeds, voelde hij zich hier meteen thuis. ,,Ik heb een goede baan, aardige collega’s, leuke vrienden en een prima inkomen’’, verklaart hij op zijn werkkamer op Zernike Campus.

Seks

Daarmee licht hij meteen een tipje van de sluier van wat iemand gelukkig maakt. In een Amerikaans onderzoek onder 900 vrouwen uit Texas, dat Ballas aanhaalt, blijkt het bedrijven van seks de meeste geluksbeleving te verschaffen. Meer in het algemeen waarderen mensen vooral het hebben van goede banden met familie, vrienden en collega’s. Gezondheid is eveneens een voorwaarde voor levensgeluk.

Ook leeftijd speelt een rol. Ballas: ,,Jongeren van 18 zijn gemiddeld het gelukkigst. Zij koesteren nog veel dromen en zijn ambitieus om deze waar te maken.’’ Daarna kachelt het geluksgevoel achteruit. Rond het veertigste levensjaar bereikt het een dieptepunt. Veel mensen zijn teleurgesteld dat het leven anders is verlopen dan gehoopt. Daarna stijgt het weer, zijn ze steeds meer tevreden met wat ze wel hebben. ,,Als ze eind zestig zijn is hun geluksgevoel weer even hoog als op hun 18de.’’

Bij werkloosheid stort geluksgevoel in

Inkomen is ook van invloed, maar minder sterk dan velen denken. Mensen met lagere inkomens worden gelukkiger als ze meer gaan verdienen, maar bij hogere inkomens neemt de meerwaarde van extra salaris af. ,,Werk is ook belangrijk voor het geluksgevoel maar werkloos worden heeft nog veel meer impact: dan ervaart men diepe ellende.’’

Geluk is een uitkomst van individuele omstandigheden. Deze zijn deels aangeboren, karakterologisch bepaald en afhankelijk van toeval. De stelling van Ballas is dat ook sociale, ruimtelijke factoren van invloed zijn op het individuele geluksgevoel. Mede daarom staat Nederland aan de top. ,,In Nederland is veel sociale cohesie, de inkomensverschillen zijn relatief klein, de werkloosheid laag en er is veel bestaanszekerheid. Je geluksgevoel wordt mede bepaald door het geluksgevoel van anderen. Wanneer iedereen om je heen ongelukkig is, dan zul je zelf ook wat minder gelukkig zijn.’’

In de kopgroep

Nederland zit in de kopgroep met landen als IJsland, Denemarken, Ierland en België. Het lijstje met landen met de minst gelukkige bevolking is bijna net zo voorspelbaar: Albanië, Estland, Letland en Litouwen. Opmerkelijk genoeg staat Duitsland er ook tussen. ,,Dat geeft stof tot nadenken. Zou het komen doordat de mensen in het oosten van Duitsland het gemiddelde naar beneden trekken? We weten het niet.’’

Hij erkent dat ook culturele en taalkundige aspecten hun stempel drukken op het onderzoek naar geluksbeleving. Amerikanen zullen gauw geneigd zijn de vraag hoe gelukkig ze zijn positief te beantwoorden. Al is het maar omdat ‘happy’ in het Engels een veelgebruikt woord is. Mensen zijn er vertrouwd mee. In de Nederlandse taal is ‘gelukkig zijn’ veel minder ingeburgerd. Ballas: ,,Groningers hebben helemaal moeite het uit te spreken. Als ze gelukkig zijn, zeggen ze: ‘Het kon minder’.’’