Stage in Afrika wordt één groot avontuur

Stagelopen in Afrika en met zelf opgeknapte auto’s 7500 kilometer door Europa, Noord-Afrika en de Sahara. Toen het Friesland College leerlingen vroeg deel te nemen aan het project Go for Africa, hoefden Leon de Wit, uit Nijland, Wout Spaargaren uit Leeuwarden en Watze Hoekstra uit Wâlterswâld niet lang na te denken. Samen met nog drie leerlingen van het Friesland College; Jelte Kamstra, Sipke Bakker en Dylan van der Weide gaven ze zich op voor het grote avontuur.

Maar toen was het nog voorjaar 2019, nu is het de dag voor vertrek. Dus is de spanning er wel, geven de studenten Engineering en Specialist Mobiele Techniek toe. ,,De auto’s zijn er klaar voor. Wij geloof ik ook”, zegt Leon. Tegen het lesgeven ziet hij wel een beetje op. Het idee is namelijk dat de jongens na hun reis van drie weken, nog zeven weken les in autotechniek gaan geven aan jongeren in Gambia en Senegal.Op een paar foto’s van de klaslokalen zagen ze al dat het er in Afrika anders aan toegaat dan in Heerenveen. ,,Ze hebben niet de faciliteiten die wij hier hebben”, zegt Watze. Hij zag op foto’s wel muren en een dak, maar op de grond alleen rood zand. Als er iets kapot is, heb je pech en moet je het anders oplossen. ,,We gaan zien wat we daar aantreffen. Een ding is zeker: alles is er anders dan thuis.” Wout vertelt dat hij deze kans gewoon moest grijpen. ,,Een once in a lifetime opportunity. Toen mijn ouders mee wilden werken, wist ik dat ik ervoor moest gaan.” Na hun vertrek blijven het gereedschap, de auto’s en andere materialen achter voor de scholen. De jongens gaan met het vliegtuig naar huis.

Onder begeleiding

De reis staat gelijk aan een volwaardige stage, zegt docent Sem Westerhuis. Hij gaat samen met zijn collega Bert van der Veen en oud-collega Rink Slotema mee voor de autotrip van drie weken. De rit voert dwars door Europa en vanaf Marokko door Mauritanië, de Westelijke Sahara, Senegal, met als eindbestemming Gambia. Eenmaal daar verspreiden de studenten zich over scholen in Gambia en Senegal en keren de docenten weer huiswaarts. In Mauritanië gold tot vorig jaar nog een negatief reisadvies. Vandaar dat de groep daar onder begeleiding rijdt. Na de zomer begon voor de jongens de zoektocht naar geschikte en betaalbare tweede- of derdehands auto’s. Ze hadden daarvoor een bepaald budget, dus gingen ze op zoek naar echte opknappers. De keuze viel bij twee van de drie duo’s op een degelijke maar oude Volvo. Bij de Volvo van Sipke en Watze staat de teller zelfs al op meer dan 500.000 kilometer. Wout en Dylan kozen voor een Landrover Discovery uit 2003.

Iets opsteken

,,Op woensdagavonden en vrijdagmiddag klusten we aan de auto’s om ze apk-klaar en geschikt voor de reis te maken”, zegt Watze. Omdat er genoeg ruimte moet overblijven voor reservebanden, extra benzine en overige bagage, bouwden ze rekjes voor op het dak. Dylan springt nog één keer op het dak om te inspecteren of alles er stevig opzit. Sipke en Watze lassen de uitlaat iets steviger vast. Het zijn de laatste handelingen voor de reis van 7500 kilometer. En dan weten ze het echt zeker: ze zijn klaar voor vertrek. Westerhuis is erg benieuwd wat de reis de jongens gaat brengen. ,,Het kan niet anders dan dat ze hier ontzettend veel van op gaan steken. Dat doen ze eigenlijk nu al door alle voorbereidingen die ze moeten treffen. Maar ze komen straks ook door landen en spreken met mensen die ze nooit eerder zagen, en waar ze misschien vooroordelen over hebben. Ik kijk er nu al naar uit om op 10 april te zien wat dat met ze heeft gedaan.”

Bron: Frieschdagblad

Foto: Marchje Andringa