Waarom werkt of studeert 4 procent van de jongeren niet?

Van de Nederlandse jongeren tussen de 15 en 25 jaar was 4 procent (84.000) in 2017 niet aan het werk en volgde geen opleiding. Dit blijkt uit onderzoek van het CBS. 

Ruim vier op de tien jongeren geven aan ook niet te willen of kunnen werken. Gezondheidsproblemen worden dan vaak opgevoerd als reden.

Nederland doet het Europees gezien goed. Het percentage jongeren dat niet werkt en studeert, is in Nederland het laagst van alle EU-landen. Het gemiddelde (2016) lag op 12 procent. Vlak boven Nederland staan Luxemburg en Denemarken. Italië voert de lijst aan met 20 procent.

Van de jongeren die niet werken en studeren, geeft 43 procent aan dat ze niet willen of kúnnen werken. Bijna één op de vijf kan niet direct beginnen met werken of heeft nog niet naar een baan gezocht. Een derde van de niet-werkende en niet-onderwijsvolgende jongeren is actief op zoek naar werk en beschikbaar, maar wel werkloos. Een derde heeft binnen drie maanden werk, of volgt weer een opleiding.

 

Wat zijn de redenen om niet te werken?

Jongeren die niet willen of kunnen werken, geven veelal (53,3 procent) aan dat ziekte of arbeidsongeschiktheid de reden is. Ook onwil vanwege een studie of opleiding (12 procent) komt voor. De zorg voor het gezin of huishouden wordt ook als reden opgegeven. Jongeren die niet werken of studeren, hebben vergeleken met leeftijdsgenoten bijna twee keer zo vaak één of meer kinderen, stelt het CBS.

Bekijk hier de grafiek